Remove Ads

German

Detailed Translations for vermitteln from German to Dutch

vermitteln:

vermitteln verbe (vermittele, vermittelst, vermittelt, vermittelte, vermitteltet, vermittelt)

  1. vermitteln (unterhandeln)
    bemiddelen; tussenkomen
    • bemiddelen verbe (bemiddel, bemiddelt, bemiddelde, bemiddelden, bemiddeld)
    • tussenkomen verbe (kom tussen, komt tussen, kwam tussen, kwamen tussen, tussengekomen)
  2. vermitteln (distribuieren; verteilen; überreichen; )
    distribueren; verdelen; uitreiken; ronddelen
    • distribueren verbe (distribueer, distribueert, distribueerde, distribueerden, gedistribueerd)
    • verdelen verbe (verdeel, verdeelt, verdeelde, verdeelden, verdeeld)
    • uitreiken verbe (reik uit, reikt uit, reikte uit, reikten uit, uitgereikt)
    • ronddelen verbe (deel rond, deelt rond, deelde rond, deelden rond, rondgedeeld)
  3. vermitteln (eingreifen; intervenieren; zusammenfallen; )
    interfereren; interveniëren; tussenkomen; ingrijpen; interrumperen; bemiddelen; tussenbeide komen
    • interfereren verbe (interfereer, interfereert, interfereerde, interfereerden, geïnterfereerd)
    • interveniëren verbe (interveniëer, interveniëert, interveniëerde, interveniëerden, geïnterveniëerd)
    • tussenkomen verbe (kom tussen, komt tussen, kwam tussen, kwamen tussen, tussengekomen)
    • ingrijpen verbe (grijp in, grijpt in, greep in, grepen in, ingegrepen)
    • interrumperen verbe (interrumpeer, interrumpeert, interrumpeerde, interrumpeerden, geïnterrumpeerd)
    • bemiddelen verbe (bemiddel, bemiddelt, bemiddelde, bemiddelden, bemiddeld)
    • tussenbeide komen verbe (kom tussenbeide, komt tussenbeide, kwam tussenbeide, kwamen tussenbeide, tussenbeide gekomen)
  4. vermitteln (bereitstellen; Übergeben; verschaffen)
    ter beschikking stellen
    • ter beschikking stellen verbe (stel ter beschikking, stelt ter beschikking, stelde ter beschikking, stelden ter beschikking, ter beschikking gesteld)

Conjugations for vermitteln:

Präsens
  1. vermittele
  2. vermittelst
  3. vermittelt
  4. vermittelen
  5. vermittelt
  6. vermittelen
Imperfekt
  1. vermittelte
  2. vermitteltest
  3. vermittelte
  4. vermittelten
  5. vermitteltet
  6. vermittelten
Perfekt
  1. habe vermittelt
  2. hast vermittelt
  3. hat vermittelt
  4. haben vermittelt
  5. habt vermittelt
  6. haben vermittelt
1. Konjunktiv [1]
  1. vermittele
  2. vermittelest
  3. vermittele
  4. vermittelen
  5. vermittelet
  6. vermittelen
2. Konjunktiv
  1. vermittelte
  2. vermitteltest
  3. vermittelte
  4. vermittelten
  5. vermitteltet
  6. vermittelten
Futur 1
  1. werde vermitteln
  2. wirst vermitteln
  3. wird vermitteln
  4. werden vermitteln
  5. werdet vermitteln
  6. werden vermitteln
1. Konjunktiv [2]
  1. würde vermitteln
  2. würdest vermitteln
  3. würde vermitteln
  4. würden vermitteln
  5. würdet vermitteln
  6. würden vermitteln
Diverses
  1. vermittel!
  2. vermittelt!
  3. vermittelen Sie!
  4. vermittelt
  5. vermittelnd
1. ich, 2. du/Sie, 3. er/sie/es, 4. wir, 5. ihr/Sie, 6. sie

Synonyms for "vermitteln":


External Machine Translations:
Images:


Remove Ads

Remove Ads