Remove Ads

Spanish

Detailed Translations for convertirse en from Spanish to Dutch

convertirse en:

convertirse en verbe

  1. convertirse en (volverse; hacerse; pasar a ser; )
    worden
    • worden verbe (word, wordt, werd, werden, geworden)
  2. convertirse en (alterar; cambiar; modificar; )
    veranderen; wijzigen; verwisselen; afwisselen; herzien
    • veranderen verbe (verander, verandert, veranderde, veranderden, veranderd)
    • wijzigen verbe (wijzig, wijzigt, wijzigde, wijzigden, gewijzigd)
    • verwisselen verbe (verwissel, verwisselt, verwisselde, verwisselden, verwisseld)
    • afwisselen verbe (wissel af, wisselt af, wisselde af, wisselden af, afgewisseld)
    • herzien verbe (herzie, herziet, herzag, herzagen, herzien)
  3. convertirse en (evolucionar; desarrollarse)
    ontwikkelen; evolueren
    • ontwikkelen verbe (ontwikkel, ontwikkelt, ontwikkelde, ontwikkelden, ontwikkeld)
    • evolueren verbe (evolueer, evolueert, evolueerde, evolueerden, geëvolueerd)
  4. convertirse en (armar; hacer; crear; )
    maken; scheppen; in het leven roepen
    • maken verbe (maak, maakt, maakte, maakten, gemaakt)
    • scheppen verbe (schep, schept, schepte, schepten, geschept)
    • in het leven roepen verbe (roep in het leven, roept in het leven, riep in het leven, riepen in het leven, in het leven geroepen)
  5. convertirse en (originarse; empezar; formarse; )
    ontstaan; voortkomen
    • ontstaan verbe (ontsta, ontstaat, ontstond, ontstonden, ontstaan)
    • voortkomen verbe (kom voort, komt voort, kwam voort, kwamen voort, voortgekomen)
  6. convertirse en (concebir; desarrollarse; desplegar; desarrollar)
    opgraven; graven; scheppen; opdelven
    • opgraven verbe (graaf op, graaft op, groef op, groeven op, opgegraven)
    • graven verbe (graaf, graaft, groef, groeven, gegraven)
    • scheppen verbe (schep, schept, schepte, schepten, geschept)
    • opdelven verbe
  7. convertirse en (alzarse; levantarse; hacerse; )
    oprijzen; rijzen
    • oprijzen verbe (rijs op, rijst op, rees op, rezen op, opgerezen)
    • rijzen verbe (rijs, rijst, rees, rezen, gerezen)

Conjugations for convertirse en:

presente
  1. me convierto en
  2. te conviertes en
  3. se convierte en
  4. nos convertimos en
  5. os convertís en
  6. se convierten en
imperfecto
  1. me convertía en
  2. te convertías en
  3. se convertía en
  4. nos convertíamos en
  5. os convertíais en
  6. se convertían en
indefinido
  1. me convertí en
  2. te convertiste en
  3. se convirtió en
  4. nos convertimos en
  5. os convertisteis en
  6. se convirtieron en
fut. de ind.
  1. me convertiré en
  2. te convertirás en
  3. se convertirá en
  4. nos convertiremos en
  5. os convertiréis en
  6. se convertirán en
condic.
  1. me convertiría en
  2. te convertirías en
  3. se convertiría en
  4. nos convertiríamos en
  5. os convertiríais en
  6. se convertirían en
pres. de subj.
  1. que me convierta en
  2. que te conviertas en
  3. que se convierta en
  4. que nos convirtamos en
  5. que os convirtáis en
  6. que se conviertan en
imp. de subj.
  1. que me convirtiera en
  2. que te convirtieras en
  3. que se convirtiera en
  4. que nos convirtiéramos en
  5. que os convirtierais en
  6. que se convirtieran en
miscelánea
  1. ¡conviertete! en
  2. ¡convertíos! en
  3. ¡no te conviertas! en
  4. ¡no os convirtáis! en
  5. convertido en
  6. convirtiéndose en
1. yo, 2. tú, 3. él/ella/usted, 4. nosotros/nosotras, 5. vosotros/vosotras, 6. ellos/ellas/ustedes

External Machine Translations:
Images:

Related Translations for convertirse en



Remove Ads

Remove Ads