Remove Ads

Spanish

Detailed Translations for encontrar from Spanish to Dutch

encontrar:

encontrar verbe

  1. encontrar (encontrarse; hallar; tropezarse con)
    vinden; tegenkomen; aantreffen
    • vinden verbe (vind, vindt, vond, vonden, gevonden)
    • tegenkomen verbe (kom tegen, komt tegen, kwam tegen, kwamen tegen, tegengekomen)
    • aantreffen verbe (tref aan, treft aan, trof aan, troffen aan, aangetroffen)
  2. encontrar (descrubir; encontrarse; dar con)
    ontdekken; vinden
    • ontdekken verbe (ontdek, ontdekt, ontdekte, ontdekten, ontdekt)
    • vinden verbe (vind, vindt, vond, vonden, gevonden)
  3. encontrar (localizar)
    lokaliseren; traceren; opsporen; vinden
    • lokaliseren verbe (lokaliseer, lokaliseert, lokaliseerde, lokaliseerden, gelokaliseerd)
    • traceren verbe (traceer, traceert, traceerde, traceerden, getraceerd)
    • opsporen verbe (spoor op, spoort op, spoorde op, spoorden op, opgespoord)
    • vinden verbe (vind, vindt, vond, vonden, gevonden)
  4. encontrar (alumbrar)
    boren; aanboren
    • boren verbe (boor, boort, boorde, boorden, geboord)
    • aanboren verbe (boor aan, boort aan, boorde aan, boorden aan, aangeboord)
  5. encontrar (azotar; pegar; tomar; )
    treffen; beroeren; raken
    • treffen verbe (tref, treft, trof, troffen, getroffen)
    • beroeren verbe (beroer, beroert, beroerde, beroerden, beroerd)
    • raken verbe (raak, raakt, raakte, raakten, geraakt)
  6. encontrar (alzarse; levantarse; hacerse; )
    oprijzen; rijzen
    • oprijzen verbe (rijs op, rijst op, rees op, rezen op, opgerezen)
    • rijzen verbe (rijs, rijst, rees, rezen, gerezen)

Conjugations for encontrar:

presente
  1. encuentro
  2. encuentras
  3. encuentra
  4. encontramos
  5. encontráis
  6. encuentran
imperfecto
  1. encontraba
  2. encontrabas
  3. encontraba
  4. encontrábamos
  5. encontrabais
  6. encontraban
indefinido
  1. encontré
  2. encontraste
  3. encontró
  4. encontramos
  5. encontrasteis
  6. encontraron
fut. de ind.
  1. encontraré
  2. encontrarás
  3. encontrará
  4. encontraremos
  5. encontraréis
  6. encontrarán
condic.
  1. encontraría
  2. encontrarías
  3. encontraría
  4. encontraríamos
  5. encontraríais
  6. encontrarían
pres. de subj.
  1. que encuentre
  2. que encuentres
  3. que encuentre
  4. que encontremos
  5. que encontréis
  6. que encuentren
imp. de subj.
  1. que encontrara
  2. que encontraras
  3. que encontrara
  4. que encontráramos
  5. que encontrarais
  6. que encontraran
miscelánea
  1. ¡encuentra!
  2. ¡encontrad!
  3. ¡no encuentres!
  4. ¡no encontréis!
  5. encontrado
  6. encontrando
1. yo, 2. tú, 3. él/ella/usted, 4. nosotros/nosotras, 5. vosotros/vosotras, 6. ellos/ellas/ustedes

Synonyms for "encontrar":


External Machine Translations:
Images:

Related Translations for encontrar



Remove Ads

Remove Ads