Remove Ads

French

Detailed Translations for s'éloigner from French to Dutch

s'éloigner:

s'éloigner verbe

  1. s'éloigner (évacuer; écarter; repousser)
    evacueren; leegruimen; ontruimen
    • evacueren verbe (evacueer, evacueert, evacueerde, evacueerden, geëvacueerd)
    • leegruimen verbe
    • ontruimen verbe (ontruim, ontruimt, ontruimde, ontruimden, ontruimd)
  2. s'éloigner (se retirer; s'écarter)
  3. s'éloigner (partir; prendre la mer; quitter; )
    verlaten; afreizen; wegtrekken; heengaan; verdwijnen; wegreizen
    • verlaten verbe (verlaat, verliet, verlieten, verlaten)
    • afreizen verbe (reis af, reist af, reisde af, reisden af, afgereisd)
    • wegtrekken verbe (trek weg, trekt weg, trok weg, trokken weg, weggetrokken)
    • heengaan verbe (ga heen, gaat heen, ging heen, gingen heen, heengegaan)
    • verdwijnen verbe (verdwijn, verdwijnt, verdween, verdwenen, verdwenen)
    • wegreizen verbe (reis weg, reist weg, reisde weg, reisden weg, weggereisd)

External Machine Translations:
Images:


Remove Ads

Remove Ads