Dutch

Detailed Translations for verdedigen from Dutch to English

verdedigen:

verdedigen verbe (verdedig, verdedigt, verdedigde, verdedigden, verdedigd)

  1. verdedigen (verweren; afweren; weren)
    to defend; to resist; to keep away; to keep off; to hold off; to keep out
    • defend verbe (defends, defended, defending)
    • resist verbe (resists, resisted, resisting)
    • keep away verbe (keeps away, kept away, keeping away)
    • keep off verbe (keeps off, kept off, keeping off)
    • hold off verbe (holds off, held off, holding off)
    • keep out verbe (keeps out, kept out, keeping out)
  2. verdedigen (beschermen; beschutten; in bescherming nemen)
    to protect; to guard; to herd; to safeguard; to watch over; to shield
    • protect verbe (protects, protected, protecting)
    • guard verbe (guards, guarded, guarding)
    • herd verbe (herds, herded, herding)
    • safeguard verbe (safeguards, safeguarded, safeguarding)
    • watch over verbe (watches over, watched over, watching over)
    • shield verbe (shields, shielded, shielding)

Conjugations for verdedigen:

o.t.t.
  1. verdedig
  2. verdedigt
  3. verdedigt
  4. verdedigen
  5. verdedigen
  6. verdedigen
o.v.t.
  1. verdedigde
  2. verdedigde
  3. verdedigde
  4. verdedigden
  5. verdedigden
  6. verdedigden
v.t.t.
  1. heb verdedigd
  2. hebt verdedigd
  3. heeft verdedigd
  4. hebben verdedigd
  5. hebben verdedigd
  6. hebben verdedigd
v.v.t.
  1. had verdedigd
  2. had verdedigd
  3. had verdedigd
  4. hadden verdedigd
  5. hadden verdedigd
  6. hadden verdedigd
o.t.t.t.
  1. zal verdedigen
  2. zult verdedigen
  3. zal verdedigen
  4. zullen verdedigen
  5. zullen verdedigen
  6. zullen verdedigen
o.v.t.t.
  1. zou verdedigen
  2. zou verdedigen
  3. zou verdedigen
  4. zouden verdedigen
  5. zouden verdedigen
  6. zouden verdedigen
diversen
  1. verdedig!
  2. verdedigt!
  3. verdedigd
  4. verdedigend
1. ik, 2. je/jij, 3. hij/zij/het, 4. we. 5. jullie, 6. zij/ze

verdedigen [znw.] nom

  1. verdedigen (weren; afweren; verweren)
    the defending

Translation Matrix for verdedigen:

NounRelated TranslationsOther Translations
defending afweren; verdedigen; verweren; weren
guard baanschuiver; begeleiding; beveiliging; bewaker; cipier; deurwachter; die wakker is; escorte; garde; gevangenbewaarder; op wacht staan; persoon die op wacht staat; portier; schildwacht; suppoost; vergezellen; wacht; wachter; waker; wakker; wakker persoon
herd bende; drom; hoop; horde; kudde; massa; menigte; schaar; schare; troep
safeguard beveiliging; vrijbrief; vrijgeleide
shield beschermkap
VerbRelated TranslationsOther Translations
defend afweren; verdedigen; verweren; weren
guard beschermen; beschutten; in bescherming nemen; verdedigen behoeden; behouden; beschermen; bescherming bieden; beschutten; beveiligen; bewaken; hoeden; hoeden voor; in bescherming nemen; opletten; toezien op; van alarm voorzien; vrijwaren; waken; waken over
herd beschermen; beschutten; in bescherming nemen; verdedigen hoeden
hold off afweren; verdedigen; verweren; weren weghouden
keep away afweren; verdedigen; verweren; weren weghouden
keep off afweren; verdedigen; verweren; weren afhouden; afkeren; afwenden; terughouden; weghouden
keep out afweren; verdedigen; verweren; weren afhouden; weghouden; weren
protect beschermen; beschutten; in bescherming nemen; verdedigen afdekken; afschermen; afschutten; behoeden; behouden; beschermen; bescherming bieden; beschutten; beveiligen; conserveren; hoeden; in bescherming nemen; instandhouden; opkomen voor; van alarm voorzien; vrijwaren
resist afweren; verdedigen; verweren; weren iets weerstaan; protesteren; tegengaan; tegenspartelen; tegenstreven; tegenstribbelen; tegenwerken; verzet tonen; verzetten; weerstaan; weerstreven; zich verzetten
safeguard beschermen; beschutten; in bescherming nemen; verdedigen beveiligen; hoeden; van alarm voorzien; veilig opbergen
shield beschermen; beschutten; in bescherming nemen; verdedigen behoeden; behouden; beschermen; bescherming bieden; beschutten; bewaren; in bescherming nemen
watch over beschermen; beschutten; in bescherming nemen; verdedigen bewaken; toezien op

Antonyms for "verdedigen":


Related Definitions for "verdedigen":

  1. beschermen tegen aanvallen1
    • de soldaten hebben het gebouw verdedigd1

Wiktionary Translations for verdedigen:

verdedigen
verb
  1. beschermen tegen een aanval
verdedigen
verb
  1. accept, support, take as one’s own
  2. To maintain or defend, as a cause or a claim, by words or measures
  3. to protect, to defend
  4. to maintain or defend a cause against opposition

Cross Translation:
FromToVia
verdedigen advocate; assert; champion; defend; maintain; stand up for; stickle; vindicate verfechtenAuffassung, Meinung, Standpunkt und Anderes vehement vertreten; für etwas energisch eintreten
verdedigen defend défendreprotéger une personne contre une attaque.
verdedigen advocate préconiser — rare|fr louer publiquement, vanter, prôner.