Summary
Dutch to Spanish:   more detail...
  1. noden:
  2. Wiktionary:


Dutch

Detailed Translations for noden from Dutch to Spanish

noden:

noden verbe

  1. noden

Translation Matrix for noden:

VerbRelated TranslationsOther Translations
convidar noden engageren; feestelijk onthalen; fuiven; fêteren; inviteren; trakteren; uitnodigen; vergasten op
invitar noden engageren; fuiven; introduceren; inviteren; kennis laten maken; trakteren; uitnodigen; vergasten op; voorstellen

Wiktionary Translations for noden:


Cross Translation:
FromToVia
noden invitar inviterconvier, prier de se trouver, de se rendre quelque part, d’assister à quelque cérémonie, etc.