Summary
French to Dutch:   more detail...
  1. horizon:
  2. Wiktionary:
Dutch to French:   more detail...
  1. horizon:
  2. Wiktionary:


French

Detailed Translations for horizon from French to Dutch

horizon:

horizon [le ~] nom

  1. l'horizon (rive; sonnerie; cloche; )
    de horizon; de kim; de gezichtseinder; de einder

Translation Matrix for horizon:

NounRelated TranslationsOther Translations
einder bord; cloche; clochette; horizon; rive; sonnerie; sonnette; timbre
gezichtseinder bord; cloche; clochette; horizon; rive; sonnerie; sonnette; timbre
horizon bord; cloche; clochette; horizon; rive; sonnerie; sonnette; timbre
kim bord; cloche; clochette; horizon; rive; sonnerie; sonnette; timbre

Synonyms for "horizon":


Wiktionary Translations for horizon:

horizon
noun
  1. gezichtseinder
  2. de denkbeeldige lijn tot waar men het aardoppervlak kan zien en waar het aardoppervlak en de lucht elkaar lijken te raken
  3. horizont
  4. horizon
  5. kimme

Cross Translation:
FromToVia
horizon horizon; horizont horizon — line that appears to separate the Earth from the sky
horizon skyline skyline — silhouette against city or buildings
horizon horizont; horizon Horizont — Grenzlinie zwischen der sichtbaren Erde und dem Himmel



Dutch

Detailed Translations for horizon from Dutch to French

horizon:

horizon [de ~ (m)] nom

  1. de horizon (einder; kim; gezichtseinder)
    l'horizon; la rive; la sonnerie; la cloche; le bord; le timbre; la sonnette; la clochette

Translation Matrix for horizon:

NounRelated TranslationsOther Translations
bord einder; gezichtseinder; horizon; kim boordsel; flank; galon; kant; omzoming; oplegsel; passement; rand; richel; rivierkant; rivieroever; zijde; zijde van een schip; zijkant
cloche einder; gezichtseinder; horizon; kim bel; boerenhuis; deksel; dom gansje; dom wicht; domme gans; domme koe; dop; flierefluiter; geitenbreier; kaasstolp; klok; klokje; klooi; lammeling; lamzak; lanterfant; lanterfanter; lapzwans; leeghoofdje; leegloper; lijntrekker; luidklok; nietsnut; pendule; polshorloge; schel; slampamper; slapkous; stolp; stolphuis; stulpkooi; sufferdje; torenklok; uurwerk; zakhorloge; zakuurwerk
clochette einder; gezichtseinder; horizon; kim bel; klein klokje; kleine klok; klokje; polshorloge; schel; tikkend uurwerk; tikker; tikkertje; zakhorloge; zakuurwerk
horizon einder; gezichtseinder; horizon; kim
rive einder; gezichtseinder; horizon; kim flank; oever; rivierkant; rivieroever; rivierzoom; wal; waterkant; zijde; zijde van een schip; zijkant
sonnerie einder; gezichtseinder; horizon; kim bel; bellen; belsignaal; beltoon; carillon; gebeier; gelui; gerinkel; klokgelui; klokje; klokkenspel; klokslag; opbellen; overgaan; polshorloge; schel; trompetsignaal; wekker; wektoestel; zakhorloge; zakuurwerk
sonnette einder; gezichtseinder; horizon; kim bel; beller; carillonspeler; deurbel; handbel; heiblok; heimachine; heistelling; huisbel; klokje; luider; polshorloge; schel; zakhorloge; zakuurwerk
timbre einder; gezichtseinder; horizon; kim inktstempel; intonatie; klank; klankgeluid; klankkleur; klanktint; plakzegel; spaarzegel; stemgeluid; stempel; timbre; toon; toonkleur; zegel

Related Words for "horizon":

  • horizonnen

Wiktionary Translations for horizon:

horizon
noun
  1. de denkbeeldige lijn tot waar men het aardoppervlak kan zien en waar het aardoppervlak en de lucht elkaar lijken te raken

Cross Translation:
FromToVia
horizon horizon horizon — line that appears to separate the Earth from the sky
horizon horizon Horizont — Grenzlinie zwischen der sichtbaren Erde und dem Himmel