Summary
Dutch to English:   more detail...
  1. afslijten door erop te zitten:


Dutch

Detailed Translations for afslijten door erop te zitten from Dutch to English

afslijten door erop te zitten:

afslijten door erop te zitten verbe

  1. afslijten door erop te zitten (afzitten)
    to wear out; to sit out; to sit out to the end
    • wear out verbe (wears out, wore out, wearing out)
    • sit out verbe (sits out, sat out, sitting out)
    • sit out to the end verbe (sits out to the end, sat out to the end, sitting out to the end)

Translation Matrix for afslijten door erop te zitten:

VerbRelated TranslationsOther Translations
sit out afslijten door erop te zitten; afzitten uitzitten
sit out to the end afslijten door erop te zitten; afzitten uitzitten
wear out afslijten door erop te zitten; afzitten afbreken; afdragen; afmatten; afslijten; aftrappen; moe maken; ruineren; slijten; slopen; uitputten; vermoeien; vernielen; vernietigen; verslijten; verteren; verwoesten; wegslijten

Related Translations for afslijten door erop te zitten