Summary


Dutch

Detailed Translations for bezwaar maken from Dutch to Spanish

bezwaar maken:

bezwaar maken verbe (maak bezwaar, maakt bezwaar, maakte bezwaar, maakten bezwaar, bezwaar gemaakt)

  1. bezwaar maken (bezwaar aantekenen; bezwaren)

Conjugations for bezwaar maken:

o.t.t.
  1. maak bezwaar
  2. maakt bezwaar
  3. maakt bezwaar
  4. maken bezwaar
  5. maken bezwaar
  6. maken bezwaar
o.v.t.
  1. maakte bezwaar
  2. maakte bezwaar
  3. maakte bezwaar
  4. maakten bezwaar
  5. maakten bezwaar
  6. maakten bezwaar
v.t.t.
  1. heb bezwaar gemaakt
  2. hebt bezwaar gemaakt
  3. heeft bezwaar gemaakt
  4. hebben bezwaar gemaakt
  5. hebben bezwaar gemaakt
  6. hebben bezwaar gemaakt
v.v.t.
  1. had bezwaar gemaakt
  2. had bezwaar gemaakt
  3. had bezwaar gemaakt
  4. hadden bezwaar gemaakt
  5. hadden bezwaar gemaakt
  6. hadden bezwaar gemaakt
o.t.t.t.
  1. zal bezwaar maken
  2. zult bezwaar maken
  3. zal bezwaar maken
  4. zullen bezwaar maken
  5. zullen bezwaar maken
  6. zullen bezwaar maken
o.v.t.t.
  1. zou bezwaar maken
  2. zou bezwaar maken
  3. zou bezwaar maken
  4. zouden bezwaar maken
  5. zouden bezwaar maken
  6. zouden bezwaar maken
diversen
  1. maak bezwaar!
  2. maakt bezwaar!
  3. bezwaar gemaakt
  4. bezwaar makend
1. ik, 2. je/jij, 3. hij/zij/het, 4. we. 5. jullie, 6. zij/ze

Translation Matrix for bezwaar maken:

VerbRelated TranslationsOther Translations
hacer objeciones contra bezwaar aantekenen; bezwaar maken; bezwaren
objetar contra bezwaar aantekenen; bezwaar maken; bezwaren
oponerse a bezwaar aantekenen; bezwaar maken; bezwaren
pesar sobre bezwaar aantekenen; bezwaar maken; bezwaren belasten; opdragen; persen

Related Translations for bezwaar maken