Dutch

Detailed Translations for kletteren from Dutch to French

kletteren:

kletteren verbe (kletter, klettert, kletterde, kletterden, gekletterd)

  1. kletteren (rammelen)
    tintinnabuler; sauter; ferrailler; retentir; cliqueter; sautiller; gambader; carillonner; sonner; résonner; boiter; tinter; claudiquer; clopiner; boitiller; marcher en boitant
    • tintinnabuler verbe (tintinnabule, tintinnabules, tintinnabulons, tintinnabulez, )
    • sauter verbe (saute, sautes, sautons, sautez, )
    • ferrailler verbe (ferraille, ferrailles, ferraillons, ferraillez, )
    • retentir verbe (retentis, retentit, retentissons, retentissez, )
    • cliqueter verbe (cliquette, cliquettes, cliquetons, cliquetez, )
    • sautiller verbe (sautille, sautilles, sautillons, sautillez, )
    • gambader verbe (gambade, gambades, gambadons, gambadez, )
    • carillonner verbe (carillonne, carillonnes, carillonnons, carillonnez, )
    • sonner verbe (sonne, sonnes, sonnons, sonnez, )
    • résonner verbe (résonne, résonnes, résonnons, résonnez, )
    • boiter verbe (boite, boites, boitons, boitez, )
    • tinter verbe (tinte, tintes, tintons, tintez, )
    • claudiquer verbe
    • clopiner verbe (clopine, clopines, clopinons, clopinez, )
    • boitiller verbe (boitille, boitilles, boitillons, boitillez, )

Conjugations for kletteren:

o.t.t.
  1. kletter
  2. klettert
  3. klettert
  4. kletteren
  5. kletteren
  6. kletteren
o.v.t.
  1. kletterde
  2. kletterde
  3. kletterde
  4. kletterden
  5. kletterden
  6. kletterden
v.t.t.
  1. ben gekletterd
  2. bent gekletterd
  3. is gekletterd
  4. zijn gekletterd
  5. zijn gekletterd
  6. zijn gekletterd
v.v.t.
  1. was gekletterd
  2. was gekletterd
  3. was gekletterd
  4. waren gekletterd
  5. waren gekletterd
  6. waren gekletterd
o.t.t.t.
  1. zal kletteren
  2. zult kletteren
  3. zal kletteren
  4. zullen kletteren
  5. zullen kletteren
  6. zullen kletteren
o.v.t.t.
  1. zou kletteren
  2. zou kletteren
  3. zou kletteren
  4. zouden kletteren
  5. zouden kletteren
  6. zouden kletteren
en verder
  1. heb gekletterd
  2. hebt gekletterd
  3. heeft gekletterd
  4. hebben gekletterd
  5. hebben gekletterd
  6. hebben gekletterd
diversen
  1. kletter!
  2. klettert!
  3. gekletterd
  4. kletterend
1. ik, 2. je/jij, 3. hij/zij/het, 4. we. 5. jullie, 6. zij/ze

Translation Matrix for kletteren:

NounRelated TranslationsOther Translations
sonner aanbellen; bellen
VerbRelated TranslationsOther Translations
boiter kletteren; rammelen hinkelen; hinken; kreupel lopen; mank lopen; mankgaan
boitiller kletteren; rammelen
carillonner kletteren; rammelen beieren; bonzen; klingelen; klokluiden; luiden; rinkelen; tingelen; tinkelen
claudiquer kletteren; rammelen
cliqueter kletteren; rammelen aankloppen; aantikken; klakken; kleppen; klepperen; klingelen; kloppen; rinkelen; tikken; tingelen; tinkelen
clopiner kletteren; rammelen
ferrailler kletteren; rammelen
gambader kletteren; rammelen dartelen; huppelen
marcher en boitant kletteren; rammelen
retentir kletteren; rammelen echoën; galmen; herhalen; hoorbaar zijn; klateren; klingelen; luidkeels iets verkondigen; met krachtige stem zingen; nabouwen; napraten; nazeggen; reflecteren; resoneren; rinkelen; schallen; schetteren; stuiten; terugkaatsen; terugstoten; tetteren; tingelen; tinkelen; weergalmen; weerkaatsen; weerklinken; weerschallen
résonner kletteren; rammelen echoën; galmen; herhalen; hoorbaar zijn; klank voortbrengen; klinken; luiden; met krachtige stem zingen; nabouwen; naklinken; napraten; nazeggen; reflecteren; resoneren; schallen; stuiten; terugkaatsen; terugstoten; weergalmen; weerkaatsen; weerklinken; weerschallen
sauter kletteren; rammelen een sprongetje maken; geslachtsgemeenschap hebben; kastanjes poffen; neuken; over iets springen; overslaan; poffen; springen; uiteenspatten; vozen
sautiller kletteren; rammelen dartelen; huppelen; ronddartelen; rondspringen
sonner kletteren; rammelen aanbellen; beieren; bellen; bonzen; klingelen; klokluiden; luiden; rinkelen; schellen; tingelen; tinkelen
tinter kletteren; rammelen klakken; kleppen; klingelen; klokluiden; luiden; rinkelen; tingelen; tinkelen
tintinnabuler kletteren; rammelen klingelen; rinkelen; tingelen; tinkelen
OtherRelated TranslationsOther Translations
sauter laten exploderen; opblazen

Wiktionary Translations for kletteren:


External Machine Translations: