Summary
Dutch to French:   more detail...
  1. samengesteld:
  2. samentellen:
  3. Wiktionary:


Dutch

Detailed Translations for samengesteld from Dutch to French

samengesteld:

samengesteld adj

  1. samengesteld

Translation Matrix for samengesteld:

NounRelated TranslationsOther Translations
complexe gebouwencomplex
composé chemische verbinding; reagens
ModifierRelated TranslationsOther Translations
complexe samengesteld complex; gecompliceerd; geestelijk verward; in de war; ingewikkeld; ondersteboven; onthutst; verward
compliqué samengesteld complex; gecompliceerd; geestelijk verward; in de war; ingewikkeld; kritisch; lastig; moeilijk; niet makkelijk; ondersteboven; ongemakkelijk; onoverzichtelijk; onthutst; problematisch; verward; zwaar
composé samengesteld geaffecteerd; gekunsteld; gemaakt; geproduceerd; gewrongen; gezocht; onnatuurlijk; vervaardigd

Related Words for "samengesteld":

  • samengestelde

Wiktionary Translations for samengesteld:


Cross Translation:
FromToVia
samengesteld composé compound — composed of elements

samengesteld form of samentellen:

samentellen verbe (stel samen, stelt samen, stelde samen, stelden samen, samengesteld)

  1. samentellen

Conjugations for samentellen:

o.t.t.
  1. stel samen
  2. stelt samen
  3. stelt samen
  4. stellen samen
  5. stellen samen
  6. stellen samen
o.v.t.
  1. stelde samen
  2. stelde samen
  3. stelde samen
  4. stelden samen
  5. stelden samen
  6. stelden samen
v.t.t.
  1. heb samengesteld
  2. hebt samengesteld
  3. heeft samengesteld
  4. hebben samengesteld
  5. hebben samengesteld
  6. hebben samengesteld
v.v.t.
  1. had samengesteld
  2. had samengesteld
  3. had samengesteld
  4. hadden samengesteld
  5. hadden samengesteld
  6. hadden samengesteld
o.t.t.t.
  1. zal samentellen
  2. zult samentellen
  3. zal samentellen
  4. zullen samentellen
  5. zullen samentellen
  6. zullen samentellen
o.v.t.t.
  1. zou samentellen
  2. zou samentellen
  3. zou samentellen
  4. zouden samentellen
  5. zouden samentellen
  6. zouden samentellen
en verder
  1. ben samengesteld
  2. bent samengesteld
  3. is samengesteld
  4. zijn samengesteld
  5. zijn samengesteld
  6. zijn samengesteld
diversen
  1. stel samen!
  2. stelt samen!
  3. samengesteld
  4. samenstellend
1. ik, 2. je/jij, 3. hij/zij/het, 4. we. 5. jullie, 6. zij/ze

Translation Matrix for samentellen:

VerbRelated TranslationsOther Translations
additioner samentellen

External Machine Translations:

Related Translations for samengesteld