Summary
Dutch to Swedish:   more detail...
  1. toedekken:
  2. Wiktionary:


Dutch

Detailed Translations for toedekken from Dutch to Swedish

toedekken:

toedekken verbe (dek toe, dekt toe, dekte toe, dekten toe, toegedekt)

  1. toedekken (instoppen)
    stoppa in
    • stoppa in verbe (stoppar in, stoppade in, stoppat in)

Conjugations for toedekken:

o.t.t.
  1. dek toe
  2. dekt toe
  3. dekt toe
  4. dekken toe
  5. dekken toe
  6. dekken toe
o.v.t.
  1. dekte toe
  2. dekte toe
  3. dekte toe
  4. dekten toe
  5. dekten toe
  6. dekten toe
v.t.t.
  1. heb toegedekt
  2. hebt toegedekt
  3. heeft toegedekt
  4. hebben toegedekt
  5. hebben toegedekt
  6. hebben toegedekt
v.v.t.
  1. had toegedekt
  2. had toegedekt
  3. had toegedekt
  4. hadden toegedekt
  5. hadden toegedekt
  6. hadden toegedekt
o.t.t.t.
  1. zal toedekken
  2. zult toedekken
  3. zal toedekken
  4. zullen toedekken
  5. zullen toedekken
  6. zullen toedekken
o.v.t.t.
  1. zou toedekken
  2. zou toedekken
  3. zou toedekken
  4. zouden toedekken
  5. zouden toedekken
  6. zouden toedekken
en verder
  1. ben toegedekt
  2. bent toegedekt
  3. is toegedekt
  4. zijn toegedekt
  5. zijn toegedekt
  6. zijn toegedekt
diversen
  1. dek toe!
  2. dekt toe!
  3. toegedekt
  4. toedekkend
1. ik, 2. je/jij, 3. hij/zij/het, 4. we. 5. jullie, 6. zij/ze

Translation Matrix for toedekken:

VerbRelated TranslationsOther Translations
stoppa in iemand instoppen; instoppen; toedekken binnensteken; inpassen; insteken; passen in

Wiktionary Translations for toedekken:


Cross Translation:
FromToVia
toedekken betäcka; hölja; skyla; täcka; övertäcka recouvrir — Couvrir de nouveau. (Sens général)