Summary
Spanish to Dutch:   more detail...
  1. salir de compras:


Spanish

Detailed Translations for salir de compras from Spanish to Dutch

salir de compras:

salir de compras verbe

  1. salir de compras (hacer compras; ir de compras)
    boodschappen doen; winkelen; inkopen; inslaan; inkopen doen
    • boodschappen doen verbe (doe boodschappen, doet boodschappen, deed boodschappen, deden boodschappen, boodschappen gedaan)
    • winkelen verbe (winkel, winkelt, winkelde, winkelden, gewinkeld)
    • inkopen verbe (koop in, koopt in, kocht in, kochten in, ingekocht)
    • inslaan verbe (sla in, slaat in, sloeg in, sloegen in, ingeslagen)
    • inkopen doen verbe (doe inkopen, doet inkopen, deed inkopen, deden inkopen, inkopen gedaan)

Translation Matrix for salir de compras:

NounRelated TranslationsOther Translations
winkelen ir de tiendas
VerbRelated TranslationsOther Translations
boodschappen doen hacer compras; ir de compras; salir de compras
inkopen hacer compras; ir de compras; salir de compras
inkopen doen hacer compras; ir de compras; salir de compras
inslaan hacer compras; ir de compras; salir de compras hacer pedazos
winkelen hacer compras; ir de compras; salir de compras

External Machine Translations:

Related Translations for salir de compras