Summary
Dutch to German:   more detail...
  1. gewroet:
  2. wroeten:
  3. Wiktionary:


Dutch

Detailed Translations for gewroet from Dutch to German

gewroet:


gewroet form of wroeten:

wroeten verbe (wroet, wroette, wroetten, gewroet)

  1. wroeten (woelen; wurmen)
    scharren; wühlen; grabbeln
    • scharren verbe (scharre, scharrst, scharrt, scharrte, scharrtet, gescharrt)
    • wühlen verbe (wühle, wühlst, wühlt, wühlte, wühltet, gewühlt)
    • grabbeln verbe (grabble, grabbelst, grabbelt, grabbelte, grabbeltet, gegrabbelt)

Conjugations for wroeten:

o.t.t.
  1. wroet
  2. wroet
  3. wroet
  4. wroeten
  5. wroeten
  6. wroeten
o.v.t.
  1. wroette
  2. wroette
  3. wroette
  4. wroetten
  5. wroetten
  6. wroetten
v.t.t.
  1. heb gewroet
  2. hebt gewroet
  3. heeft gewroet
  4. hebben gewroet
  5. hebben gewroet
  6. hebben gewroet
v.v.t.
  1. had gewroet
  2. had gewroet
  3. had gewroet
  4. hadden gewroet
  5. hadden gewroet
  6. hadden gewroet
o.t.t.t.
  1. zal wroeten
  2. zult wroeten
  3. zal wroeten
  4. zullen wroeten
  5. zullen wroeten
  6. zullen wroeten
o.v.t.t.
  1. zou wroeten
  2. zou wroeten
  3. zou wroeten
  4. zouden wroeten
  5. zouden wroeten
  6. zouden wroeten
diversen
  1. wroet!
  2. wroet!
  3. gewroet
  4. wroetend
1. ik, 2. je/jij, 3. hij/zij/het, 4. we. 5. jullie, 6. zij/ze

Translation Matrix for wroeten:

VerbRelated TranslationsOther Translations
grabbeln woelen; wroeten; wurmen buitmaken; graaien; grabbelen; in iets rondtasten; obsederen; rommelen; snuffelen; vangen
scharren woelen; wroeten; wurmen scharrelen van kip
wühlen woelen; wroeten; wurmen doorwroeten; graaien; grabbelen; in iets rondtasten; rommelen; snuffelen; wroetend onderzoeken

Wiktionary Translations for wroeten:


Cross Translation:
FromToVia
wroeten graben burrow — to dig a hole