Dutch

Detailed Translations for afgeven op from Dutch to English

afgeven op:

afgeven op verbe

  1. afgeven op (beschimpen)
    to taunt; to jeer at; to call names
    • taunt verbe (taunts, taunted, taunting)
    • jeer at verbe (jeers at, jeered at, jeering at)
    • call names verbe (calls names, called names, calling names)
    to abuse
    – use foul or abusive language towards 1
    • abuse verbe (abuses, abused, abusing)
      • The actress abused the policeman who gave her a parking ticket1

Translation Matrix for afgeven op:

NounRelated TranslationsOther Translations
abuse misbruik; oneigenlijk gebruik; overdadig gebruik; verguizing
taunt schimpscheut; spotternij
VerbRelated TranslationsOther Translations
abuse afgeven op; beschimpen beschimpen; honen; misbruiken; schelden op; smaden; smalen; uitschelden; verguizen
call names afgeven op; beschimpen beschimpen; uitschelden
jeer at afgeven op; beschimpen beschimpen; uitschelden
taunt afgeven op; beschimpen belachelijk maken; beschimpen; bespotten; de spot drijven; ironiseren; uitschelden

Wiktionary Translations for afgeven op:


External Machine Translations:

Related Translations for afgeven op