Summary
Dutch to English:   more detail...
  1. genoegdoen:
  2. Wiktionary:


Dutch

Detailed Translations for genoegdoen from Dutch to English

genoegdoen:

genoegdoen verbe

  1. genoegdoen
    to settle
    • settle verbe (settles, settled, settling)

Translation Matrix for genoegdoen:

VerbRelated TranslationsOther Translations
settle genoegdoen aanzuiveren; afdoen; afhandelen; beslechten; betalen; bezinken; bijleggen; effenen; egaliseren; goedmaken; koloniseren; nabetalen; neerstrijken; plaatsnemen; regelen; rekening betalen; ruzie afsluiten; ruzie bijleggen; schikken; settelen; twist uit de weg ruimen; vereffenen; verrekenen; verzoenen; vestigen; voldoen; zich nestelen; zich vestigen

Wiktionary Translations for genoegdoen:

genoegdoen
verb
  1. to convert into cash