Summary
Dutch to Spanish:   more detail...
  1. doorrollen:


Dutch

Detailed Translations for doorrollen from Dutch to Spanish

doorrollen:

doorrollen verbe (rol door, rolt door, rolde door, rolden door, doorgerold)

  1. doorrollen

Conjugations for doorrollen:

o.t.t.
  1. rol door
  2. rolt door
  3. rolt door
  4. rollen door
  5. rollen door
  6. rollen door
o.v.t.
  1. rolde door
  2. rolde door
  3. rolde door
  4. rolden door
  5. rolden door
  6. rolden door
v.t.t.
  1. ben doorgerold
  2. bent doorgerold
  3. is doorgerold
  4. zijn doorgerold
  5. zijn doorgerold
  6. zijn doorgerold
v.v.t.
  1. was doorgerold
  2. was doorgerold
  3. was doorgerold
  4. waren doorgerold
  5. waren doorgerold
  6. waren doorgerold
o.t.t.t.
  1. zal doorrollen
  2. zult doorrollen
  3. zal doorrollen
  4. zullen doorrollen
  5. zullen doorrollen
  6. zullen doorrollen
o.v.t.t.
  1. zou doorrollen
  2. zou doorrollen
  3. zou doorrollen
  4. zouden doorrollen
  5. zouden doorrollen
  6. zouden doorrollen
diversen
  1. rol door!
  2. rolt door!
  3. doorgerold
  4. doorrollend
1. ik, 2. je/jij, 3. hij/zij/het, 4. we. 5. jullie, 6. zij/ze

Translation Matrix for doorrollen:

VerbRelated TranslationsOther Translations
rodar doorrollen controleren; dolen; draaien; examineren; filmen; inspecteren; keren; keuren; kolken; omwenden; omzwerven; ronddraaien; ronddwalen; rondtollen; schouwen; taxiën; tollen; waren; wenden; zwenken; zwerven
seguir rodando doorrollen