Summary
Dutch to Spanish:   more detail...
  1. spelbreker:
  2. Wiktionary:


Dutch

Detailed Translations for spelbreker from Dutch to Spanish

spelbreker:

spelbreker [de ~ (m)] nom

  1. de spelbreker (chagrijn)
    el pesado
  2. de spelbreker
    el aguafiestas; el derramasolaces

Translation Matrix for spelbreker:

NounRelated TranslationsOther Translations
aguafiestas spelbreker spelbederf; spelbederver
derramasolaces spelbreker spelbederver
pesado chagrijn; spelbreker druiloortje; ergernis; etter; etterbak; galbak; hinder; hinderlijk persoon; lastpak; lastpost; overlast
ModifierRelated TranslationsOther Translations
pesado afgezaagd; beklagend; bezwaarlijk; corpulent; dik; eentonig; ellendig; ergerlijk; fantastisch; flauw; formidabel; geweldig; gezet; irritant; jammerend; jeremiërend; klaaglijk; klagerig; langdraadig; langwijlig; lastig; lijvig; lijzig; log; lomp; loom; machtig; melig; met bezwaren; met een groot gewicht; moeilijk verteerbaar; monotoon; negatief; onsierlijk van gedaante; plomp; prachtig; rot; saai; slaapverwekkend; slecht verteerbaar; stomvervelend; vervelend; vetlijvig; voortvarend; zeurderig; zwaar; zwaarlijvig

Related Words for "spelbreker":

  • spelbrekers

Wiktionary Translations for spelbreker:


Cross Translation:
FromToVia
spelbreker aguafiestas Spielverderberabwertend: eine männliche Person, die sich einem Spiel oder einer Konvention entzieht