Summary
Dutch to French:   more detail...
  1. iets afhandelen:


Dutch

Detailed Translations for iets afhandelen from Dutch to French

iets afhandelen:

iets afhandelen verbe

  1. iets afhandelen (behandelen)
    traiter à fond; régler
    • régler verbe (règle, règles, réglons, réglez, )

Translation Matrix for iets afhandelen:

VerbRelated TranslationsOther Translations
régler behandelen; iets afhandelen aanpassen; aanzuiveren; afbetalen; afdoen; aflossen; afrekenen; afstellen; afstemmen; betalen; bijleggen; bijstellen; effenen; egaliseren; fiksen; gelijkschakelen; genoegdoen; goedmaken; herstellen; in orde maken; inlossen; instellen; klaren; maken; nabetalen; rechtzetten; regelen; repareren; ruzie afsluiten; ruzie bijleggen; uitpraten; vereffenen; verrekenen; voldoen
traiter à fond behandelen; iets afhandelen

Related Translations for iets afhandelen