Summary
Dutch to French:   more detail...
  1. kwinkeleren:


Dutch

Detailed Translations for kwinkeleren from Dutch to French

kwinkeleren:

kwinkeleren verbe (kwinkeleer, kwinkeleert, kwinkeleerde, kwinkeleerden, gekwinkeleerd)

  1. kwinkeleren (tjilpen; kwetteren)
    ramager; babiller; gazouiller; chanter joyeusement
    • ramager verbe (ramage, ramages, ramageons, ramagez, )
    • babiller verbe (babille, babilles, babillons, babillez, )
    • gazouiller verbe (gazouille, gazouilles, gazouillons, gazouillez, )

Conjugations for kwinkeleren:

o.t.t.
  1. kwinkeleer
  2. kwinkeleert
  3. kwinkeleert
  4. kwinkeleren
  5. kwinkeleren
  6. kwinkeleren
o.v.t.
  1. kwinkeleerde
  2. kwinkeleerde
  3. kwinkeleerde
  4. kwinkeleerden
  5. kwinkeleerden
  6. kwinkeleerden
v.t.t.
  1. heb gekwinkeleerd
  2. hebt gekwinkeleerd
  3. heeft gekwinkeleerd
  4. hebben gekwinkeleerd
  5. hebben gekwinkeleerd
  6. hebben gekwinkeleerd
v.v.t.
  1. had gekwinkeleerd
  2. had gekwinkeleerd
  3. had gekwinkeleerd
  4. hadden gekwinkeleerd
  5. hadden gekwinkeleerd
  6. hadden gekwinkeleerd
o.t.t.t.
  1. zal kwinkeleren
  2. zult kwinkeleren
  3. zal kwinkeleren
  4. zullen kwinkeleren
  5. zullen kwinkeleren
  6. zullen kwinkeleren
o.v.t.t.
  1. zou kwinkeleren
  2. zou kwinkeleren
  3. zou kwinkeleren
  4. zouden kwinkeleren
  5. zouden kwinkeleren
  6. zouden kwinkeleren
diversen
  1. kwinkeleer!
  2. kwinkeleert!
  3. gekwinkeleerd
  4. kwinkelerend
1. ik, 2. je/jij, 3. hij/zij/het, 4. we. 5. jullie, 6. zij/ze

Translation Matrix for kwinkeleren:

VerbRelated TranslationsOther Translations
babiller kwetteren; kwinkeleren; tjilpen
chanter joyeusement kwetteren; kwinkeleren; tjilpen
gazouiller kwetteren; kwinkeleren; tjilpen bazelen; fluisteren; klank voortbrengen; klinken; knisperen; kwelen; lallen; lispelen; luiden; ritselen; sissen; wauwelen
ramager kwetteren; kwinkeleren; tjilpen kwelen