Summary
Dutch to French:   more detail...
  1. platleggen:


Dutch

Detailed Translations for platleggen from Dutch to French

platleggen:

platleggen verbe

  1. platleggen
    bloquer; paralyser
    • bloquer verbe (bloque, bloques, bloquons, bloquez, )
    • paralyser verbe (paralyse, paralyses, paralysons, paralysez, )

Translation Matrix for platleggen:

VerbRelated TranslationsOther Translations
bloquer platleggen afbreken; barricaderen; belemmeren; beletten; blokkeren; doen ophouden; halt houden; klemrijden; obstructie plegen; onderbreken; ophouden; remmen; stopzetten; stremmen; tegenhouden; tot staan brengen; vastrijden; verhinderen; versperren
paralyser platleggen krachteloos maken; lamleggen; machteloos maken; ontwrichten; verlammen