Summary
Dutch to French:   more detail...
  1. vonk:
  2. vonken:
  3. Wiktionary:


Dutch

Detailed Translations for vonk from Dutch to French

vonk:

vonk [de ~] nom

  1. de vonk (glinstering; flakker)
    l'étincelle; l'éclat; l'étincellement; le scintillement; la lueur scintillante

Translation Matrix for vonk:

NounRelated TranslationsOther Translations
lueur scintillante flakker; glinstering; vonk flakkering; flikkering; geflikker; schijn; schittering
scintillement flakker; glinstering; vonk flakkering; flikkering; fonkelen; fonkeling; geflikker; gefonkel; geglinster; glans; glinstering; glitter; luister; schijn; schitteren; schittering; sprankelen
éclat flakker; glinstering; vonk blinken; deining; diggel; dreun; emotionele uitval; flakkering; flikkering; flonkering; fonkeling; geflikker; gefonkel; geglinster; glans; glanzen; glimmen; glinstering; gloed; haarkrul; klap; knal; krul; kwak; luister; ontlading; ophef; plotselinge uitbarsting; scherf; schijn; schitteren; schittering; smak; splinter; uitbarsten; uitbarsting; uitval; vulkaanuitbarsting
étincelle flakker; glinstering; vonk glimp; sprankeltje; vleugje; vonkje
étincellement flakker; glinstering; vonk flakkering; flikkeren; flikkering; flits; fonkelen; fonkeling; geflikker; gefonkel; geglinster; gesprankel; glans; glinstering; glitter; luister; schijn; schitteren; schittering; snel beeld; sprankelen

Related Words for "vonk":


Wiktionary Translations for vonk:

vonk
Cross Translation:
FromToVia
vonk étincelle Funke — kleines, in der Luft verbrennendes glühendes Teilchen
vonk étincelle spark — particle of glowing matter

vonk form of vonken:

vonken verbe (vonk, vonkt, vonkte, vonkten, gevonkt)

  1. vonken
    étinceler
    • étinceler verbe (étincelle, étincelles, étincelons, étincelez, )

Conjugations for vonken:

o.t.t.
  1. vonk
  2. vonkt
  3. vonkt
  4. vonken
  5. vonken
  6. vonken
o.v.t.
  1. vonkte
  2. vonkte
  3. vonkte
  4. vonkten
  5. vonkten
  6. vonkten
v.t.t.
  1. heb gevonkt
  2. hebt gevonkt
  3. heeft gevonkt
  4. hebben gevonkt
  5. hebben gevonkt
  6. hebben gevonkt
v.v.t.
  1. had gevonkt
  2. had gevonkt
  3. had gevonkt
  4. hadden gevonkt
  5. hadden gevonkt
  6. hadden gevonkt
o.t.t.t.
  1. zal vonken
  2. zult vonken
  3. zal vonken
  4. zullen vonken
  5. zullen vonken
  6. zullen vonken
o.v.t.t.
  1. zou vonken
  2. zou vonken
  3. zou vonken
  4. zouden vonken
  5. zouden vonken
  6. zouden vonken
diversen
  1. vonk!
  2. vonkt!
  3. gevonkt
  4. vonkend
1. ik, 2. je/jij, 3. hij/zij/het, 4. we. 5. jullie, 6. zij/ze

Translation Matrix for vonken:

VerbRelated TranslationsOther Translations
étinceler vonken blaken; flikkeren; flonkeren; fonkelen; glanzen; glimmen; glinsteren; iets uitstralen; licht schijnen; licht uitzenden; schijnen; schitteren; sprankelen; stralen; twinkelen

Related Words for "vonken":