Summary
Dutch to French:   more detail...
  1. zich voortbewegen:


Dutch

Detailed Translations for zich voortbewegen from Dutch to French

zich voortbewegen:

zich voortbewegen verbe

  1. zich voortbewegen (gaan; lopen; stappen)
    avancer; se mouvoir
    • avancer verbe (avance, avances, avançons, avancez, )
    • se mouvoir verbe

Translation Matrix for zich voortbewegen:

NounRelated TranslationsOther Translations
avancer oprukken
VerbRelated TranslationsOther Translations
avancer gaan; lopen; stappen; zich voortbewegen aandragen; aankaarten; aanknopen; aansnijden; aanvoeren; avanceren; beter worden; betogen; bevorderd worden; beweren; demonstreren; doorlopen; duwen; een stapje verder gaan; een voorstel doen; entameren; geld opleveren; gesprek aanknopen; hogerop komen; inbrengen; naar voren brengen; naar voren plaatsen; openen; opmarcheren; opperen; oprukken; opschuiven; opwerpen; poneren; pretenderen; progressie maken; starten; stellen; stuwen; suggereren; te berde brengen; ter sprake brengen; uitdrukken; uitdrukking geven aan; uiten; uiting geven aan; verbeteren; verder komen; verder lopen; verdergaan; verklaren; vertolken; vervroegen; verwoorden; voorgeven; voorschieten; voorschuiven; voortbewegen; voortgaan; voortstuwen; vooruitduwen; vooruitgang boeken; vooruitkomen; vooruitschuiven; vooruitstreven; voorwaarts treden; vorderen; vorderingen maken; vroeger uitvoeren dan gepland; zich opwerken
se mouvoir gaan; lopen; stappen; zich voortbewegen verroeren; zich bewegen

External Machine Translations:

Related Translations for zich voortbewegen