Summary


Dutch

Detailed Synonyms for adres in Dutch

adres:

adres [het ~] nom

  1. het adres
    het adres; de adressering
  2. het adres
  3. het adres
    het adres
  4. het adres
    – plaats, straat en huisnummer van een persoon of instelling 1
    het adres
    – plaats, straat en huisnummer van een persoon of instelling 1
    • adres [het ~] nom
      • ik weet waar Jan woont, ik heb zijn adres1

Related Words for "adres":

  • adressen

Related Definitions for "adres":

  1. plaats, straat en huisnummer van een persoon of instelling1
    • ik weet waar Jan woont, ik heb zijn adres1

Related Synonyms for adres