Summary
Dutch Synonyms:   more detail...
  1. afbetten:


Dutch

Detailed Synonyms for afbetten in Dutch

afbetten:

afbetten [znw.] nom

  1. afbetten
    betten; afbetten

afbetten verbe

  1. afbetten
    betten; deppen; afbetten; bevochtigen
    • betten verbe (bet, bette, betten, gebet)
    • deppen verbe (dep, dept, depte, depten, gedept)
    • afbetten verbe
    • bevochtigen verbe (bevochtig, bevochtigt, bevochtigde, bevochtigden, bevochtigd)