Summary
Dutch to Swedish:   more detail...
  1. verzengen:


Dutch

Detailed Translations for verzengen from Dutch to Swedish

verzengen:

verzengen verbe

  1. verzengen (branden; verschroeien; zengen; blakeren)
    bränna; sveda
    • bränna verbe (bräner, brände, bränt)
    • sveda verbe (svedar, svedade, svedat)

Translation Matrix for verzengen:

NounRelated TranslationsOther Translations
bränna aftikken
sveda verschroeiing; verzenging
VerbRelated TranslationsOther Translations
bränna blakeren; branden; verschroeien; verzengen; zengen aanbranden; branden; cremeren; verassen; verbranden
sveda blakeren; branden; verschroeien; verzengen; zengen schroeien